Heer Bommel Volledige werken deel 40

Heer Bommel Volledige werken deel 40

Uitgever: Uitgeverij Panda, Den Haag
Uitgifte: juni 2001
Matla catalogus: 114.40

Aanvullende informatie
Voorwoord Marten Toonder

Heer Bommel en de vergelder
Hierin besluit heer Ollie de wereld te tonen dat hij van aanpakken weet, en omdat hij in een tijdperk van grote uitvindingen leeft geraakte hij als vanzelf in het computerwezen. Zijn hand werd gelegd op een contraptie die de waarde van alles waarmee zij gevoed wordt, in geld weet uit te drukken. Op het oog een aantrekkelijk toestel; een vinding van de polyhistor Wijn, verder ontwikkeld door Prof. Dr. J. Sickbock en ontvreemd door een geleerde die onbekend wenste te blijven.
Het is te begrijpen, dat heer Bommel met zijn fijntrillend zieleleven te hoog gegrepen heeft, en dat zijn gevoelige geest in botsing kwam met het grofstoffelijke product.
Op de hem eigen diepzinnige wijze heeft hij dan ook gezorgd, dat de dief van de uitvinding de erkenning kreeg waar de uitvinder recht op had, zodat hijzelf niet langer onder het juk van de 'vergelder' hoefde lopen. Deze geschiedenis zal menig sensitief zakenman te denken kunnen geven.
Tom Poes en het Bommel-verschiet
De levensweg van heer Ollie voert over moerassige paden en door duistere engtes, maar ondanks zijn ervaring met de vergelder heeft hij een open oog voor het verschiet, waar een nieuwe wereld hem wenkt. Toen de bediende Joost dan ook door een passerende stofzuiger werd opgezogen spoedde hij zich naar het geheime gebied waar de apparatuur vervaardigd wordt die nog niet is uitgevonden. Een onderneming vol gevaren; maar door zijn onverschrokken optreden vond hij daar de geleerden die aan de vooruitgang werkten, zodat ze in het riool geraakt waren. Daar konden ze niet uit - heer Bommel ook niet. En het is hier dat de rol van Tom Poes zo belangrijk is geworden, dat zijn naam aan dit verslag gekoppeld is. Hij is trouwens ook aansprakelijk voor het einde ervan, omdat hij uit de uitstervende wereld van de natuur een maatje ontzoedel aan zijn vriend had gegeven. En daarmee kon deze een einde aan dit Verschiet maken. Het is een klap voor de wetenschap.
Heer Bommel en het einde van eindeloos
Dit laatste verhaal graaft wat dieper op een terrein dat tot nu toe slechts losjes is behandeld en dat hier een gevoelige snaar raakt.
'Ik weet niet wat het is', zegt heer Bommel in de begin scène. 'Ik mis iets, terwijl ik alles al heb.' Dat is natuurlijk een moeilijk begin voor een boeiende geschiedenis,want wanneer men alles heeft en toch iets-mist duidt dat op het gevoelsleven, en daar koopt men niets voor. Het gevoel kan in de snelheid van de vooruitgang moeilijk meekomen, zodat het er verwaarloosd achteraan draaft.
Maar heer Ollie wordt door zware mist geremd in zijn gewone dadendrang en raakt daardoor op een brede stroom, die zich door een dicht woud kronkelt en eindeloos voortkabbelt. Daardoor raakt zijn geestesleven op een dieptepunt, terwijl zijn gezond verstand er niet meer bij kan. Natuurlijk is het weer Tom Poes die dat bezwaar egneemt, maar wanneer hij weer vaste grond onder de voeten krijgt is hij een verdiept heer, die zijn leven door hernieuwde dadendrang tot een onverwacht hoogtepunt leidt.
(Onverwacht? Hm!)
Greystones, 20 september 1999


Afbeeldingen