Heer Bommel Volledige werken deel 26

Heer Bommel Volledige werken deel 26

Uitgever: Uitgeverij Panda, Den Haag
Uitgifte: december 1993
Matla catalogus: 114.26

Aanvullende informatie
Voorwoord Marten Toonder

Hoewel de eerste drie verhalen in deze bundel enigszins op SF lijken, hebben ze niet met de toekomst te maken. Integendeel, ze proberen hoogstens om die toekomst tegen te houden.

Het eerste, Heer Bommel en de kwade inblazingen, behandelt het gevaar dat men door een enkele druk op een knop (of door een oloroon) in contact kan komen met volstrekt onbekende gebieden, die tot dusverre in al onze achtertuintjes liggen zonder dat we
het weten. Het is mogelijk dat daar levensvormen en wetten bestaan die ons volkomen onbekend zijn en die daardoor onthutsend en zelfs angstaanjagend kunnen werken. Het gevolg daarvan kunnen daden zijn die hun noodlottige loop nemen door de wet
van oorzaak en gevolg, en het resultaat is dikwijls schrikwekkend; vooral als de wetenschap zich ermee gaat bemoeien. Alleen de mooie, zuivere gedachten van een heer zijn in staat alles weer in vreedzame banen te leiden - hoewel Tom Poes weet dat er meer achter zit.

Het tweede, Tom Poes en de hupbloemerij, gaat uit van een maatschappij waarin niet meer gerekend, gedaan en nauwelijks gedacht hoeft worden. 'Binnenkort zal niemand meer hoeven te werken', zegt de wetenschapper zelfgenoegzaam. Hij raakt verbitterd omdat werkeloosheid als een plaag ervaren wordt. Dat is logisch in een samenleving die het denken heeft afgeschaft. De natu ur haast zich echter om het hiaat op te vullen door het afscheiden van opwekkende sappen, zodat er door ijverige zakenlieden een vrolijk aanschijn aan zo'n samenleving kan worden gegeven. Door het toedoen van Tom Poes wordt er echter een einde aan de natuurlijke en de wetenschappelijke vooruitgang gemaakt. Ook hier is de moraal aan de behoudende, of terugwerkende kant en de tijd zal leren of dat juist is.

Het derde, Heer Bommel en de bevrijding van Sollidee, is enigszins verwant aan het eerste. De plaats van handeling is een land dat voortdurend bevrijd wordt, zodat het olgens de statistiek het meest bevrijde land ter wereld is. Het is begrijpelijk, dat de hulpverschaffing aan onderdrukten een hoge vlucht genomen heeft, en dat de zakelijke belangen zich op harmonieuze wijze vermengen met de liefdadige. Daar schijnt echter een einde aan te komen door, alweer, een ingreep van Tom Poes, waar heer
Bommel terecht de eer van krijgt. Want het blijkt al spoedig dat er tegen bevrijden geen kruid gewassen is, en dat een bemiddeling tussen vrijheidsstrijders vergeefse moeite is.

De beide volgende verhalen behandelen meer actuele onderwerpen.
Tom Poes en de Viridiaandinges is aan de schilderkunst gewijd, en om het onderwerp een eeuwigheidswaarde te geven gaat het om de uitbeelding van het Nu, een gegeven dat immer actueel zal zijn. De enige datering bestaat uit het motief, dat gemakkelijk tot de eeuwwisseling terug te brengen zal zijn door de verschillende technieken die hier behandeld en beoordeeld worden. De ontwikkelingen van heer Bommels collage geven een treffende indruk van de behoudende kant, die ook dit verhaal kenmerkt. Heer Bommel en de tuttelwurm ten slotte is een eenvoudig tussendoortje, dat heer Bommels moeilijkheid om uiting aan zijn gevoelens te geven beschrijft. Het is een van de fasen in zijn liefdesleven die zijn persoonlijkheid in een vreemd daglicht stellen, door zijn onvermogen de juiste oorden ervoor te vinden.

Greystones, 19 oktober 1993


Afbeeldingen