Heer Bommel Volledige werken deel 24

Heer Bommel Volledige werken deel 24

Uitgever: Uitgeverij Panda, Den Haag
Uitgifte: november 1992
Matla catalogus: 114.24

Aanvullende informatie
Voorwoord Marten Toonder

De geschiedenis van Tom Poes en de grote Barribal verklaart op bevattelijke doch wetenschappelijke wijze, hoe het mogelijk is dat ondermaatse figuren het zo dikwijls tot voorgangers van een volk kunnen brengen. Kleine ventjes die president van een wereldrijk worden, of als secretaris van een partij persoonlijk rechtspreken en strenge straffen uitdelen, als voorzitter een grote mars organiseren, of als leider een werelddeel willen veroveren, zijn in deze eeuw meer regel dan uitzondering. De gevolgen zijn natuurlijk altijd fataal. Heer Bommel vat het kernachtig samen als hij voor de t.v. verklaart: 'Het is vreselijk, wanneer men een dwerg voor een reus
aanziet! Alle verhoudingen worden uit het oog verloren en men loopt een heer joelend onder de voet.'
Overigens is het Tom Poes, die door een eenvoudige list de zaak weer tot zijn proporties terugbrengt; vandaar zijn naam in de titel.

Heer Bommel en het Nieuwe Denken is een verhaal dat bij oppervlakkige lezing voor gedateerd kan worden aangezien. De verschijnselen die er in behandeld worden, zijn echter al geruime tijd actueel- en het valt te vrezen dat ze dat voorlopig zullen blijven.
Zolang de aardbevolking voortgaat, zich met deze snelheid te vermenigvuldigen, zullen de woorden van de markies van kracht blijven als hij zegt: 'Het riekt kwalijk. Het grauw heeft daar nu wel niet zo gauw erg in, maar toch .. .' Hij heeft gelijk; ook al zal het taalgebruik van het Nieuwe Denken binnenkort geaffecteerd aandoen.

Tom Poes en Bombom de Geweldige is een vertelling die op het eerste gezicht op een parodie van Superman, Batman of Spiderman zou kunnen lijken. Logisch, want deze lieden behoren, gelijk Karel Appel en Stockhausen, tot dit tijdsgewricht - evenals het Nieuwe Denken. Het verschil is, dat hier het gevolg van bovenmatige krachten genadeloos aan het licht wordt gebracht. Heer Bommel en de trullenhoedster werd door mij in de aankondiging één van de chokkendste avonturen in heer Ollies loopbaan genoemd. Dat klinkt wat snorkerig - maar de bedoeling is alleen maar dat het plotselinge optreden van vrouwspersonen chokkend voor gevoelige lezertjes zou kunnen zijn.
Men heeft dikwijls gevraagd waarom er zo weinig vrouwen in de verhalen voorkomen, en ik heb dat altijd vreemd gevonden. Ten slotte is het de vrouwelijke kracht van Anne Marie Doddel, die heer Ollie voortdrijft in zijn strijd tegen misstanden. Het is een onzichtbare, maar zeer sterke drijfveer, die slechts vergeleken kan worden met die van Don Quichots Dulcinea. Het is niet eenvoudig om deze kracht in woord of beeld gestalte te geven - en deze geschiedenis is alleen maar een poging daartoe.

Grevstones, 12 oktober 1992


Afbeeldingen