Heer Bommel Volledige werken deel 23

Heer Bommel Volledige werken deel 23

Uitgever: Uitgeverij Panda, Den Haag
Uitgifte: juni 1992
Matla catalogus: 114.23

Aanvullende informatie
Voorwoord Marten Toonder

De hierna volgende verhalen zijn in Ierland gemaakt. Dat is te merken aan de betere samenwerking tussen tekst en tekeningen, die mogelijk werd doordat de beslommeringen van het Studiowerk niet langer tussenbeide kwamen. Daardoor versterkte mijn
argument dat een tekststrip wel degelijk een strip is, omdat de tekening laat zien wat in de tekst niet genoemd wordt - en dat de tekst zich hoofdzakelijk bezighoudt met de zaken die niet getekend kunnen worden. Dat laatste heeft natuurlijk vooral betrekking
op de dialogen, die in de zogenaamde balloonstrips alleen maar elementair kunnen zijn en zodoende de ontwikkeling van echte karakters in de weg staan.
Over dit punt heb ik me indertijd wel eens warm gemaakt, omdat ik toen nog in de strip als onafhankelijke kunstvorm geloofde. Dat geloof is verdwenen sinds ik ontdekte dat ik de enige beoefenaar van deze vorm gebleven ben (in de veertiger en vijftigerjaren,
in de bloeitijd van de studio-strips, had ik vele collega's en medewerkers die deze vorm gebruikten, maar die na kortere of langere tijd toch weer op de balloons overgingen; Lo Hartog van Banda en Hans Kresse waren de meest bekende in de teksttechniek - Van Banda nam zowel Koning Hollewijn als Panda van mij over, en Kresse was natuurlijk de maker van Eric de Noorman). Strips maakte ikdus niet meer; ik maakte verhalen die een eigenaardig uiterlijk hadden en die mij de mogelijkheid verschaften om twee kunstvormen te beoefenen en enigermate onder de knie te krijgen.

In het verhaal Tom Poes en de vuursalamander wordt de rol van het toeval gebruikt om het bestaan van magie te verklaren. Als verhaal zit het, op één detail na dat ik hier niet noemen zal, vrij goed in elkaar. En de moraal is duidelijk: wees heel voorzichtig met het oproepen van demonen. Ik heb dat persoonlijk ondervonden. Heer Bommel en de Labberdaan is een van de betere verhalen, al zeg ik het zelf. Het stoelt op een der diepere roerselen des levens, zoals dat in het vorige deel met Tom Poes en het monster Trotteldrom het geval was.

Tom Poes en de pasmunt lijkt een simpeler geschiedenis dan zij in werkelijkheid is. Want wanneer men zich na lezi ng een ogenblik aan nadenken overgeeft, zal men zich kunnen afvragen wat het verschil is tussen pasmunt en gewoon geld. En dan is men op de goede weg om inzicht in de Economische Eenheid te krijgen.

Heer Bommel en de wisselschat heeft geen andere bedoeling dan het verschaffen van enige verstrooiing. Toch wil ik, in alle bescheidenheid, even wijzen op de poging die hier gedaan is om karakters uit te diepen. Op zichzelf is dat niet zo bijzonder, maar
wanneer er een heel verhaal op gebaseerd is, moet men het toch wel ongebruikelijk noemen. Vooral wanneer het ook nog in staat is te boeien, en dat is het enige dat ik van dit verhaal hoop.

Greystones, 20 maart 1992


Afbeeldingen