Heer Bommel Volledige werken deel 20

Heer Bommel Volledige werken deel 20

Uitgever: Uitgeverij Panda, Den Haag
Uitgifte: augustus 1995
Matla catalogus: 114.20

Aanvullende informatie
Voorwoord Marten Toonder

Tom Poes en het boze oog
Zo op het oog een ouderwets en bekend gegeven: het zwarte schaap in de kudde, voor het gemak van een boos oog voorzien, en het geheel opgediend met een taalgebruik dat aan oude tijden herinnert. Vooral dit laatste was de oorzaak dat sommige lezers meenden met een parodie op ouderwets calvinisme van doen te hebben. Onverdraagzame gereformeerdheid, die allang niet meer bestaat, zodat 'Het boze oog' als een anachronisme beschouwd kon worden. Helaas, dat is een vergissing. Deze geschiedenis berust op oerinstincten en is dan ook betreurenswaardig actueel. Want nog steeds deugt de zwarte niet in de witte kudde. Hij is anders, en wat anders is
moet er uit. Dat is een geheiligde, erfelijke zienswijze, die aan de wieg van alle ras- en geloofsvervolgingen staat. Trouwens, niet alleen de zwarte, maar ook de witte die zwart gemaakt is, deugt niet - en volkeren die te lang zijn in verhouding tot hun buren moeten uitgeroeid worden, dat spreekt. Kortom een eenvoudig verhaal, dat over de oorzaak van oorlogen gaat, en dat een gevoelig pleidooi voor gemengde huwelijken houdt. En het is niet alleen ouderwets, maar ook op de toekomst gericht. Tom Poes en de niks Deze verhandeling gaat over de angst voor de eigen schaduw, voor donkere hoeken en gordijnen, en voor de dag van morgen die vol onbekende bedreigingen zit. Het gaat dus over niks. Maar omdat niks hier is vastgelegd krijgt het gestalte, zodat het wetenschappelijk beschouwd kan worden. Veel kan ik daar niet over zeggen, want in deze geschiedenis heb ik Niks uitputtend behandeld, zodat ik er eigenlijk niks meer over kan schrijven. Het is echter mogelijk, dat oplettende lezertjes er iets bekends in vinden, vooral waar een geleerde zich bezighoudt met een materieontbinder en ontdekt, dat het Niks erg groot is.

Heer Bommel en de Pikkinring
Een van de gevaarlijkste levensvormen uit de Zwarte Bergen was de dwerg Pikkin, die in het allereerste verhaal een stuitende rol vervulde. Dat was in een tijd die gekenmerkt werd door crapule, zodat het voor de hand lag dat deze figuur op de voorgrond trad. Maar dat is lang geleden, en niemand heeft sindsdien meer van hem gehoord. Toch heeft hij niet stil gezeten, want hij is erin geslaagd een kleinood te vervaardigen dat alles op zijn betreurenswaardig terrein overtreft. Zelfs heer Bommel is niet opgewassen tegen de krachten van een ring die gehard is in de vuren van de grote Dralpoen, en ook Tom Poes niet. Maar laat ik niet vooruitlopen.

Tom Poes en het huilen van Urgje
Het is heel moeilijk om iets over deze 'veelomvattende gebeurtenis te zeggen. De inhoud bestaat uit verschillende lagen geloof ik, maar ik weet dat niet zeker en daarom wil ik liever volstaan met een gevolgtrekking die de geleerde Schim! gemaakt heeft: 'Men moet de massa terugbrengen tot enkelingen. Eén enkele persoon kan ouder en wijzer worden, maar de massa blijft een twaalfjarige.'
(En ook staat vast, dat vrouwen hier anders tegenover staan dan mannen, vooral moeders.)

Tom Poes en de tijwisselaar
Deze historie is van een geheel ander kaliber, en graaft diep in de metafysische natuurwetenschappen, zonder het te doen. Het is dan ook kenmerkend voor heer Bommel dat hij de enige is, die de juiste conclusie weet te trekken, terwijl figuren als Tom Poes genoegen nemen met boekenwijsheid.

Greystones, 9 juni 1995


Afbeeldingen